De revival van de oude jazz

f Harbour JC nieuw publiek coll AK 860

door Hans Zirkzee

Auteur van het boek Jazz in Rotterdam, Hans Zirkzee interviewde en schreef over talloze jazzmuzikanten die een band met Rotterdam hebben of hadden.

"Vanwege het studentikoze imago en de vaak melige bühnepresentaties wordt het genre van de dixielandstijl niet serieus genomen......."

De revival van de oude jazz
In weerwil van (of juist door) de opkomst van de freejazz in de jaren zestig en de eerdere tweespalt tussen de oude stijl en de bebop (Jazzradar, 27 april 2026) begon de traditionele jazz aan een opmerkelijke opmars. Het aantal bands groeide aanzienlijk en de publieke belangstelling nam evenredig toe. Ook de vroege jazz kenmerkte zich door een muzikale scheiding. Enerzijds waren er de beoefenaars van de blanke dixielandstijl, verwant aan de Original Dixieland Jazz Band, en anderzijds de stijl die door zwarte jazzmusici in die jaren gespeeld werd. Tegenwoordig omschrijft men de oude stijl liever als classic – of traditionele jazz. Vanwege het studentikoze imago en de vaak melige bühnepresentaties wordt de dixielandstijl het genre niet serieus genomen, maar er viel een goede boterham mee te verdienen. Dit artikel gaat over een aantal Rotterdamse oude stijl bands en podia.

A Harbour Jazzband edit
Harbour Jazz Band met v.l.n.r.: Dick Sleeman (trombone), Wim van den Toorn (drums), Ferdi Meijer (klarinet), Ernst Metman (trompet), Arie Ligthart (banjo), Leo van der Kruk (altsax) en bassist Bas Schop

THE HARBOUR JAZZ BAND
In 1956 richtten Jaap van Velzen, Carel Bonneur en Aat de Moree met wat schoolvrienden en buurtgenoten uit Schiebroek The Harbour Jazz Band op. Kort daarna nam klarinettist Ferdi Meijer de leiding op zich van het orkest met professionele ambities. The Harbour Jazz Band ontwikkelde zich tot een veelgevraagd ensemble, dat evenals de Hot Club de Rotterdam menigmaal in het buitenland optrad. The Harbour Jazz Band toerde door Duitsland, de Verenigde Staten, Canada, Schotland, Japan, Indonesië, Engeland, de Sovjet Unie, Scandinavië en Engeland. Rond 1980 bestond de bezetting uit Ferdi Meijer (klarinet), Leo van der Kruk (sax en klarinet), Ernst Metman (trompet), Leon Monné (trombone), Wim van den Toorn (drums) en Bas Schop (bas). Banjoïst/gitarist Maarten van den Dool kwam in 1974 om het leven ten gevolge van een verkeersongeval. Hij werd vervangen door Arie Ligthart (ex Dutch Swing College Band). In 1966 won de Harbour Jazz Band het Loosdrecht Jazzconcours in de categorie ‘Oude stijl’ tijdens een zeer tumultueuze finale, waarin saxofonist, bandleider en componist Willem Breuker (tweede plaats ‘Modern’) het publiek vermaakte met zijn tweeëntwintig koppig orkest en geminirokte meisjes, die ansichtkaarten uitdeelden met daarop de teksten ‘Hartelijk Gefeliciteerd’ en ‘U heeft het overleefd’. Het optreden van Breuker veroorzaakte grote onenigheid binnen de jury. De Rotterdamse Green River Jass Band belandde op de tweede plaats ‘Oude stijl’. De Harbour Jazz Band, vaak aangekondigd als ‘het tweede Nederlandse toporkest na de Dutch Swing College Band’. De gebroeders Niemandsverdriet kregen in 1974 toestemming van de band om hun naam te gebruiken voor de Harbour Jazzclub aan het Weena.

een 2 km lange kabelbaan door het centrum van Rotterdam was een van de hoogtepunten van de manifestatie C70

LEEFBAAR ROTTERDAM
Actiegroepen en bewonersorganisaties uitten in de jaren zestig en zeventig hun onvrede over het lage tempo en de kwaliteit van de wederopbouw, de grote woningnood en de zakelijke uitstraling van de kale en kille binnenstad. Het initiatiefcomité ‘Leefbaar Rotterdam’ was daarnaast bang dat de hoge heren ook de laatste stukjes stad naar de verdommenis zouden helpen. Volgens sommigen was de ooit zo levendige Coolsingel de enige hoofdstraat ter wereld waar niemand woonde. Gezellig kon men het hart van de stad niet noemen, ondanks de pogingen om tijdens de manifestatie C‘70 wat sfeer in het centrum te brengen met de bouw van horecapaviljoentjes en de vestiging van de kashba’s aan het Weena. Paviljoens die meer de uitstraling hadden van groot uitgevallen vakantiewoningen dan van een attractieve uitgaansgelegenheid.

Kashba’s aan het Weena

De zeven door Wim Quist ontworpen units waren bedoeld als tijdelijk winkelcentrum, maar zij werden pas na C‘70 opgeleverd en bleven als gevolg daarvan een geruime tijd leeg staan. Met wisselend succes exploiteerden drie horecaondernemingen, waaronder Gaby’s Sabra Club en het Promo Music House, de opvallende paviljoens aan het Weena. In 1974 vestigde de Rotterdamse kunstenaarssociëteit De Eendracht zich in een kashba, maar in Rotterdam lagen de uitgaansmogelijkheden destijds ver uit elkaar en het Weena bleef een onherbergzame ‘tochtslurf’.

DE HARBOUR JAZZCLUB
Een aantal jaar organiseerde Ron Verhey in het Promo House jazz- en dixielandconcerten. Rita Reys, de Harbour Jazz Band en zelfs de avant-garde saxofonist Frank Wright speelde er. In 1975 namen Jan en Bert Niemandsverdriet het Promo House over en zij begonnen de Harbour Jazzclub. De oude stijl-orkesten New Orleans Syncopators, Green River Jass Band en Riverside Jazzband waren er kind aan huis. Het initiatief van Niemandsverdriet sloeg aan. De ruime gelegenheid tot dansen en de commerciële programmering vielen in de smaak bij een wat ouder publiek.

D Harbour JC entree coll AK 867
Entree Harbour Jazzclub

DIXIELAND
De dixielandmuziek stond nog volop in de belangstelling en de grotere acts, zoals het Toots Thielemans Quartet, The Pasadena Roof Orchestra, het trio van pianist Monty Alexander en Chris Barber’s Jazzband zorgden voor een groeiende populariteit van de club. Na een jarenlange en intensieve programmering werd eind 1986 de laatst overgebleven kashba gesloopt en heropende de Harbour Jazzclub op 24 april 1987 in de vlakbij gelegen Delftsestraat met vijf zalen en zes bars en ruimte voor duizend mensen. Sinds 1979 was de club in handen van de handelaar in grondstoffen Albert Jan Knoppe (Rotterdam, 9 juni 1931 – Rotterdam, ?), die het runnen van zo’n grote jazzclub zag als een uit de hand gelopen hobby.

Albert Knoppe 1987

Hij organiseerde meer dan tweeduizend jazzconcerten in Rotterdam (!) en bouwde het voormalige bedrijfspand aan de Delftsestraat om tot de grootste jazzclub van Nederland. Albert Knoppe bracht twintig platen uit op zijn Harbour Jazzclub label met live-opnames van zijn favoriete bands. Regelmatig verzorgde Tros Session radio- en televisie-uitzendingen uit de Harbour Jazzclub. Ondanks het succes bestond er in jazzkringen kritiek op de behoudende programmering van de Harbour Jazzclub en kon het podium nooit rekenen op enige vorm van subsidie. De ‘discotheek voor ouderen’ had volgens de critici geen ondersteuning nodig. De Rotterdamse Kunststichting (RKS) negeerde het bestaan van de Harbour Jazzclub volkomen. Albert Knoppe reageerde daarop met de opmerking dat voor de RKS jazzmuziek zó grensverleggend moet zijn, dat het niet meer om aan te horen is. De Harbour Jazzclub is nu het poppodium Annabel.

Harbour Jazzclub nieuw publiek

DE KROON
In het begin van de oorlog opende café De Kroon aan de Stationssingel 42. Pianist Cor Dekkinga had met een aantal vrienden de Rotterdamse Jazz Societeit (RJS) opgericht. De club organiseerde concerten op verschillende locaties in Rotterdam, zoals De Spil in Zuid, L‘Ambassadeur, café Du Lion d’Or, Lantaren/Venster, maar vooral in De Kroon.

De Kroon

RICHTINGENSTRIJD
In het begin stonden moderne en oude jazz nog op een affiche, maar toen de richtingenstrijd te heftig werd, concentreerde de RJS zich op de oude stijl en zij startten hun eigen band, later the Riverside Jass Band met o.a. Charles Gelauff (tmp), Joop Verwey (tmb), Jan van Wel en Piet Mirck (klar), Cor Dekkinga (piano), Koos Verburg (git), Leo Verhoef (tuba), Bob Houtzager (cb) en Maarten Hueck (slw).

RJS band

‘Men heeft Zaterdag een ‘real’ jam-session (jazz in het wilde weg) kunnen bijwonen, wanneer men toen door een toeval in het café-restaurant ‘De Kroon’ in Blijdorp was gekomen, want daar juichten de klarinetten, gromden de trombones, jammerden de saxophoons en schoten de trompetten uit, kortom daar werd met zulk een overgave jazz gemaakt dat de wanden ervan trilden en het oude fregatmodel op de ouderwetse schouw ervan dreigde naar beneden te komen. De spelers werden opgezweept door het enthousiasme van het jeugdige publiek, dat open doekje na open doekje bracht en fluit-, stand- en klapovaties bracht, waar de spelers een beetje beduusd voor dankten. Maar het publiek bad er ook wel reden toe, want keer op keer kreeg men zuiver geïmproviseerde jazzmuziek te horen, waaraan een jong mens nu eenmaal moeilijk weerstand kan bieden. Te danken was dit in hoofdzaak aan de komst van de beroemde negerband Cab Cay. Deze speelt op het ogenblik in Parkzicht en de leider was zo enthousiast over het idee om hier in Rotterdam een originele jamsession te houden, dat hij en zijn mannen voor niets en niemendal drie uur lang speelde als razenden. En wat het mooiste was: zij, beroemde jazz-solisten, voelden zich in het minst niet te goed om samen met de weinige leden van de Rotterdamse Jazz Sociëteit (meest studenten) een kleine combinatie van een of meer nummers te vormen. Hierna kwam een andere beroepsband (uit België) onverwachts binnenvallen en meedoen. Waardoor De Kroon wel veel te klein werd om alle geluiden behoorlijk te kunnen verwerken, maar waardoor een stemming ontstond, zoals wij weinig meegemaakt hebben.’ (HVV, 27 maart 1950)

Leden van de band van Cab Kaye jammen in De Kroon. Foto Wouter van Gool NJA

BOB DEN UYL
Een trouw bezoeker van de jazzconcerten in De Kroon was de latere schrijver Jacob ‘Bob’ den Uyl (Jazzradar, 27 maart 2022). Bob was aanhanger van de Chicago stijl. Trompettist Bix Beiderbecke was zijn grote voorbeeld. Bob nam trompetlessen en kocht op 31 oktober 1947 een eigen trompet en een maand later een mondstuk… De Haagse banjoïst Bert Methöfer hoorde hem bij toeval oefenen in een school aan de Tidemanstraat. Met Den Uyl formeerde hij The Gateway City Jazzband, waarin Kees Nederveen piano, Bram de Keizer slagwerk, Kees Schoonenberg klarinet en Frits van Deventer tuba speelden.

Gateway Jazz Band

SCHNABBELAAR
Den Uyl
ontwikkelde zich in de loop der tijd tot een geroutineerde schnabbelaar bij verscheidene dixielandorkesten. Hij belandde bij de Schiedamse band The Dixieland Society van de broers Willem Jan en (de latere prins) Pieter van Vollenhoven. Bij de Harbour Jazz Band speelde Bob een tijdje trombone. Op den duur raakte Bob gefrustreerd over zijn eigen spel, omdat zijn embouchure nooit het gewenste niveau bereikte. Na een publiekelijke afgang (hij soleerde in de verkeerde toonaard) begon hij te twijfelen aan zijn carrière als jazzmusicus. Bob den Uyl stopte na zijn huwelijk op 20 december 1956 definitief met spelen. Bert Methöfer vertrok naar de Green River Jass Band van pianist Henk Lange waarin ook de Rotterdamse trompettist en latere radiopresentator Aad Bos speelde. Green River Jass Band beleefde vanaf 1964 een revival, toen de dixielandmuziek opnieuw in de belangstelling kwam bij het grote publiek.

The Green River Jass (Jazz) band met o.a. Ger Vollemans (trompet), de broers Henk (piano) en Rob Lange (drums) in 1950

THE GREEN RIVER JASS BAND
De oude Green River Jass (Jazz) Band van pianist Henk Lange werd in op 1 september 1963 nieuw leven ingeblazen door pianist Jos Rijneke en banjoïst Rob Buytendijk. Het orkest speelde in de stijl van de vroege orkesten van Fletcher Henderson en Duke Ellington. Vaak omschreven als ‘oud zwart’. De band bestond na een aantal bezettingswisselingen uit Bob Wulffers (trompet, zang), Thomas Hipp (trombone), Peter de Klerk (saxen, klarinet, zang), Herman Wirtz (piano, orgel, zang), Rob Buytendijk (banjo), Hans van Oost (tuba, zang) en Nick Simoncelli (drums, zang). Bij hun vierde poging wonnen zij uiteindelijk in 1969 de eerste prijs in de categorie oude stijl van het fameuze Loosdrecht Jazzconcours. Zij speelden veel in de oude stijl georiënteerde club Clatertje Bhier aan de Heemraadssingel. De Green River Jass Band maakte drie elpees en werkte regelmatig met gastsolisten, waaronder de zangeressen Conny Vink en Milly Scott van wie kortgeleden een verrassende compilatie-cd is uitgebracht door het onvolprezen Nederlands Jazz Archief.

Green River Jazz Band tijdens het Heineken Jazz Festival 1983 met oud-burgemeester Bram Peper

QUINTETTE DU HOTCLUB DE ROTTERDAM
In 1938 hoorde Dick van Male (Jazzradar, 5 juli 2022) op de VARA-radio het Quintette du Hotclub de France. Hij werd onmiddellijk gegrepen door de virtuoze zigeunerjazz van gitarist Django Reinhardt en violist Stéphane Grappelli. Destijds de enige Europese jazzstijl. Tijdens zijn militaire dienstplicht richtte Dick van Male The Swing Commanders ‘het dansorkest der Nederlandse Luchtstrijdkrachten’ op. In de weekends speelde hij met zijn Quintette du Hotclub de Rotterdam, dat zich een steeds grotere reputatie als zigeunerjazzorkest verwierf. Na de terugkeer van Freddy Rietdijk in 1960, die tijdens zijn studie vervangen werd door John Paay (de vader van zangeres Patricia Paay), brak het orkest door in het buitenland, waar de band bekender werd dan in eigen land. De Hotclub de Rotterdam trad meermalen op in Duitse tv-shows en de grote Europese festivals, waaronder driemaal op het North Sea Jazz Festival. De concertlijst van het populaire snarenensemble beslaat ettelijke kantjes.

Hotclub de Rotterdam met v.l.n.r. Jacques Vijfvinkel, Ed Meulendijk, Jack Zwaan, Freddy Rietdijk en liggend Dick van Male

HOTCLUB 69 EN 88
Het hotclub-concept kreeg in Rotterdam navolging met Hotclub 69, de band van de violist Jossche Monitzs (Joop Moens, Rotterdam 31 mei 1934) met onder anderen Eric Ball (gitaar), Anton Drukker (bas), Rob van Bavel (piano) en drummer Kees van Krugten en de door saxofonist Ted Farinaux (Rotterdam, 13 augustus 1936) opgerichte Hotclub 88 Rotterdam. De band uit Hillergersberg begon in 1983 als sessieband. Ted Farinaux kreeg (swing) pianoles in 1942 van Willie ‘t Riet. De lessen gingen heel de oorlog door. Hij maakte al op tienjarige leeftijd 78-toeren opnames bij studio Peekel in 1946. Door zijn overlijden in september 2014 kwam een einde aan de band.

Hotclub 88 Joop Sahanaya, Dick van Male, Jan Weseman, Ted Farinaux en Bart Nes.

THE MAGNOLIA JAZZ GROUP ‘65
Ben Rinia (Jazzradar, 29 november 2021), die eigenlijk Ben van den Broek heet, begon zijn muzikale carrière als trombonist van de Crescent City Stompers en de Dazzling Jazz Band (Jazzradar, 16 mei 2026 ). Na zijn vertrek uit de Dazzling Band richtte Ben Rinia de Sincere Jazz Band en Mister Brooks’ Wolverins Jazz Band op, de voorlopers van de Magnolia Jazz Group ’65. Ben heeft niets met moderne jazz. Hij was gek van de Engelse klarinettist Acker Bilk. Met de Magnolia’s verdiende hij goudgeld. Zij traden in 1966 zelfs op tijdens het legendarische Comblain la Tour festival. In 1977 stopte de band. Hij zette in 1989 een onvoorstelbare stap door een beroepsorkest te beginnen: de achtkoppige Yerba Jazz Bandé.

Ben Rinia 1957

ENDATTEME JUGBAND
Karel de Groot (harp, z) en Frits Linnemann (git, z) leerden elkaar kennen op de Academie voor Beeldende kunsten. Met Wil van de Sman (git, fluit) en Karel Kellenbach later vervangen door Piet van der Hoven (washboard) begonnen zij in 1964 de Endatteme Jug band. Opnames: Beedle Um Bum (1967), Fishing Blues (1968) en twee nummers op de lp De Muze (1967). In 1967 wonnen zij het Loosdrecht Jazzfestival oude stijl en zij werden bekroond als beste orkest van het concours. Tot 1996 bleef de band in wisselende bezettingen bestaan. In 2001 gaven zij een reünieconcert in de Schotse Kerk in Rotterdam.

Endatteme Jug band

RIJNMOND SEXTET
Dixielandorkest met vaste stek in café Lion d’Or. Leider Hans Oosterom (cb), Rijn Schregardus (tmp, v), Johan van den Ban (klar, ss, as), Luuk Beer (p, tmb, z), gitarist Jaap Schallenberg en de oud-leider van de Storyville Jazzband Mathieu van de Krul op drums. Deelnemer Loosdrecht Jazzfestival (HVV, 27 juni 1967).

‘Verschillende leden hebben de ‘gouden tijd’ nog meegemaakt voor de dixielandorkesten. Zo’n vijf jaar geleden, toen een schoolfeest zonder feestelijk dixieland-orkest ondenkbaar was. Tegenwoordig worden diezelfde schoolfeesten ‘opgeschrikt’ door monotone dreunen geproduceerd door de langharige discipelen van aartsvader Bill Haley…’ (HVV, 22 september 1966)

DYNAMIC TOWN JAZZBAND EN ANDEREN
De Dynamic Town Jazzband nam in 1966 ook deel aan het Loosdrecht Jazz Festival. Bezetting: Hans van Drunen (bariton sax), Jan de Beer (basgitaar en trombone), Dick Hoebelt (piano), Frits Louwerens (drums), Hans de Vries (banjo, gitaar) en trompettist Emile Bakker.

Grote namen uit de Rotterdamse jazz speelden soms in oude stijl-orkesten. Dick Willebrandts (Jazzradar, 29 juli 2022) had zijn Dixielanders. Willy Langestraat (Jazzradar, 29 maart 2022) zijn Longstreet Rhythm Boys. Langestraat, of liever gezegd Artone zijn platenmaatschappij, liet zich meeslepen door de rage van het moment. Dixieland bewerkingen van klassieke composities en Piet Noordijk (Jazzradar, 26 mei 2025) speelde met The Storktown Dixie Kids, volgens hem de beste dixielandband van Nederland.

The New Orleans Syncopators

CENTER FIVE COLLECTION (C5 JAZZ)
De jazzclub C5 aan de Schiehaven leek niet meer dan een gele muur. Een vergeten façade van een gesloopt pakhuis of het restant van een oude loods met daarachter een lege parkeerplaats. Via een smalle trap daalde men af naar een verrassende podiumsetting. De voormalige fietsenstalling van Progress stuwadoorsbedrijf werd in 1990 ingericht als een gezellige, maar ietwat oubollige jazzkelder. Ooit stond hier een Duitse bunker. C5 is de voortzetting van het honk van de band Center Five Collection. Vanaf 1980 speelden zij in een woonhuis aan de Wolphartsbocht dat tot een theatertje was verbouwd. The Center Five Collection was een grote formatie bestaande uit: Loek van Kersbergen (gitaar en sax), Louis Beijn (bas), Jan Kuijs (piano), Ruby Kamerbeek (percussie), Erik Herbonnete (drums), Erno Spaanderman (tenorsax) en altsaxofonist Leo Meijer. Zij werkten met gastmusici, zoals Harry Verbeke (tenorsax), Aart Gisolf (sax en fluit), zangeres Meta de Vries en de oud-trompettist van Ekseption, Rein van der Broek. The Center Five Collection was jarenlang het huisorkest tot de New Orleans Syncopators met de Rotterdammers Hans Kanij (banjo) en drummer Andrie Schoneveld eind jaren negentig, na hun gedwongen vertrek uit hun vaste stek in café Stobbe aan de Korte Kade, de fakkel overnam. C5 was toentertijd een drukbezochte club waar veel werd gejamd door bekende musici, zoals de trompettist Eric Vloeimans, Barend Petersen, Arie Kuit en Jasper Blom. Organisator destijds: Gerard Wolfs. De C5 Jazzclub was een stichting met vrijwillige medewerkers. Van eind september tot en eind mei presenteerde de club iedere zondagmiddag een programma van voornamelijk oude stijl jazzconcerten en dixielandmuziek. De gemiddelde leeftijd van de bezoekers was hoog. Te hoog.

BRONNEN
Jazz in Rotterdam, de geschiedenis van een grotestadscultuur (2015)
Wikipedia
Verder in de tekst vermeld

Hans Zirkzee
Hans Zirkzee

Hans Zirkzee
‘mister’ jazz in Rotterdam,
muziekdocent,
saxofonist,
concertorganisator,
schrijver, jazz-historicus,
auteur van Jazz in Rotterdam
(de geschiedenis van een grotestadscultuur),
winnaar Dutilh-Prijs 2016