De smakelijke recepten van Montis & Menu

Montis & Menu Cookbook
Frank Montis
Jan Menu

De keuken gaat open
Op vertrouwde grond, daar waar de muzikale paden van Frank Montis (1974) en Jan Menu (1962) ooit begonnen, werd een nieuw hoofdstuk geschreven. In een tot de nok toe gevuld Porgy en Bess in Terneuzen presenteerde het Montis & Menu Cookbook zich voor het eerst aan het publiek. De naam is een knipoog naar Cookbook, het album van George Benson waarop baritonsaxofonist Ronnie Cuber en organist Lonnie Smith schitterden. Die verwijzing bleek geen toeval: in de dampende jazzclub, waar werkelijk geen stoel meer vrij was, werd meteen duidelijk dat hier met liefde en kennis van zaken werd gekookt. Niet alleen doorgewinterde jazzliefhebbers, maar ook vrienden en familie waren massaal gekomen om getuige te zijn van dit nieuwe recept.

Vincent Koning

HET KWARTET EN DE INGREDIËNTEN
Naast Montis (Hammond) en Menu (baritonsaxofoon) bestaat het kwartet uit gitarist Vincent Koning (1971) en drummer Dylan Vos (2006), de jongste telg. “Hij moest wel zijn rijbewijs hebben om mee te kunnen doen,” grapte Montis droogjes. Met een handvol repetities, zorgvuldig gekozen repertoire en de eerste boekingen al op zak, stond het gezelschap zichtbaar te popelen. De chemie is direct voelbaar: vier muzikanten die elkaar ruimte geven, luisteren en uitdagen, met spelplezier als bindmiddel.

Dylan Vos

WARME SMAKEN EN EEN PITTIGE AFTRAP
Centraal staan de warme, lyrische klank van Menu’s bariton en het groovende fundament van Montis’ Hammond. Energie, emotie en verrassing wisselen elkaar af. De opener, The Secret Champ van Jesse van Ruller (2000), fungeert als een perfecte appetizer: opwekkend, elegant en uitnodigend. Het zet de toon voor een avond waarin de luisteraar moeiteloos wordt meegezogen, alsof elk nummer vanzelfsprekend volgt uit het vorige.

Frank Montis lekker bezig achter zijn Hammondorgel

VAN HOLIDAY TOT SILVER
Die flow wordt voortgezet met God Bless The Child van Billie Holiday en Arthur Herzog Jr. (1939). Broeierig en gedragen, met Montis die een zwoele onderlaag neerlegt en Vos die met bijna klinische precisie het ritme bewaakt. Koning en Menu kleuren om beurten de melodie in. Daarna springt het kwartet soepel door de tijd met The Jody Grind van Horace Silver (1966): strak, groovy en onmiskenbaar Blue Note. Jimmy Smith’s Off The Top (1982), een absolute favoriet van Montis, krijgt extra glans door Koning’s vingervlugge gitaarwerk.

Jan Menu (en Vincent Koning)

BALLADS EN PERSOONLIJKE LIJNEN
Een verstild moment volgt wanneer Menu een donkere ballad inzet en Montis gevoelig zingt op Alone Again (Naturally) van Gilbert O’Sullivan (1972). Geen autobiografie, wel een tranentrekker met geschiedenis: dezelfde melodie werd ooit door Van Kooten en De Bie voorzien van de tekst 1948 (Toen was geluk heel gewoon). De eerste set sluit stijlvol af met Hello Birdie (1966) van George Benson, inclusief een overtuigende drumfeature van Dylan Vos.

Mystery Guest Benthe Harte

DIEPTE, GAST EN EEN UITBUNDIGE FINALE
De tweede set doet daar niet voor onder. Amsterdam After Dark van George Coleman ademt een licht duistere sfeer, gevolgd door de blues Gee, Baby, Ain’t I Good to You (1929), waarin de veelzijdigheid van het kwartet zichtbaar wordt. Menu brengt een persoonlijke ode aan Charles Mingus met Nostalgia In Times Square (1959), een componist die hij decennia geleden al van dichterbij leerde kennen. In The Secular Bar mag Vos opnieuw schitteren.
De aangekondigde ‘mystery guest’, Benthe Harte, verlaagt de gemiddelde leeftijd op het podium aanzienlijk. Zij weet echter te verrassen met een opvallend rijpe vertolking van het lied For The Good Times over verdriet, acceptatie en verlangen van Kris Kristofferson (1968).

Het slot is onvermijdelijk en feestelijk: de “Indian Love Song” Cherokee (1938) van Ray Nobel gevolgd door een encore, Big Fat Lady van Benson. Daarna bleef het nog lang onrustig in Porgy en Bess.

MONTIS & MENU COOKBOOK
Frank Montis – hammondorgel
Jan Menu – baritonsaxofoon
Vincent Koning – gitaar
Dylan Vos – drums

Porgy en Bess, Terneuzen (NL)
25 januari 2026
Tekst en fotografie: Ella & Eddy Westveer